Een koffer vol brillen is hier een schatkist

Psychiatrisch verpleegkundige Ada de Jong maakte in november 2011 samen met Robin Metiery de reis naar Kameroen, waar ze verschillende projecten van de Stichting Babungo bezocht. Ze namen koffers vol met spullen mee, waaronder vijfhonderd brillen en vijftig zonnebrillen, kleding en speelgoed. Hieronder fragmenten uit het dagboek dat Ada de Jong tijdens deze reis bijhield.

Dagboek van een maand Kameroen
‘Een koffer vol brillen is hier een schatkist’

Psychiatrisch verpleegkundige Ada de Jong maakte in november 2011 samen met haar Robin Metiery de reis naar Kameroen, waar ze verschillende projecten van de Stichting Babungo bezocht. Ze namen koffers vol met spullen mee, waaronder vijfhonderd brillen en vijftig zonnebrillen, kleding en speelgoed. Hieronder fragmenten uit het dagboek dat Ada de Jong tijdens deze reis bijhield.

30 oktober
Overmorgen vertrekken Robin en ik op onze missie: een maand Kameroen. We gaan op bezoek bij het BIMEHC, het gezondheidscentrum van John Tumenta, waar psychiatrische patiënten worden behandeld. We nemen 22 kilo brillen mee, keurig verpakt in bubbelfolie en klem gezet met babykleertjes. Ook hebben we geld van onze sponsors bij ons om met psychiater dr. Kamga spullen te kopen om een kinderzaal in te richten in het ziekenhuis. Nu liggen de kinderen nog tussen de volwassenen en dat is niet ideaal.

8 november
Na een kort verblijf in de stad Yaounde,zijn we gisteren aangekomen in Babungo. Vandaag ontmoeten we alle patiënten van het BIHC. De bijeenkomst is in een grote hal, bovenop de heuvel. Een mannelijke patiënt die denkt dat hij de president is, gaat op een klein podium zitten. John vraagt of hij wil starten met het gebed en dat doet hij keurig. John vertelt de patiënten waarom Robin en ik hier zijn. Het is duidelijk dat we van harte welkom zijn.
In de middag spreken we een van de patiënten, een man met een angststoornis. Hij geeft aan dat het goed met hem gaat, maar dat hij zich verveelt in het gezondheidscentrum. Hij wil zich graag nuttig maken. Al pratende komen we op het idee dat hij Engelse les kan geven aan Franstalige patiënten. Veel medewerkers spreken niet zo goed Frans, dus is het handig als de patiënten Engels leren. Bovendien kunnen ze er later veel aan hebben dat ze Engels spreken. Ook wil de patiënt meer weten over de medicinale kruiden die in de tuin worden verbouwd. Hij neemt zich voor elke dag naar de medicinale tuin te gaan om daar de planten die er staan met een naambordje erbij uit zijn hoofd te leren.

9 november
Vandaag staan er schoolbezoeken op het programma. We gaan op vier scholen kijken. Alle kinderen, op één na, hebben hun nieuwe schooluniform aan en hun boeken zij zich. We bekijken de boeken en schriftjes en schudden veel kinderhandjes. Een van de kinderen loopt wat achter met leren. Hij heeft een probleem met horen en voorin de klas zitten is niet voldoende om de les te kunnen volgen. Hij zal naar Yaounde moeten om getest te worden en een gehoorapparaat te krijgen. Gelukkig heeft een van de sponsors van Babungo toegezegd dit hoortoestel te willen betalen. Het schoollokaal van de kleuters is prachtig opgeknapt met frisse muren en mooie meubeltjes.

11 november
Na het ontbijt ga ik naar het gezondheidscentrum om de patiënt die Engelse les gaat geven papier, pennen en lesboeken te brengen. Hij heeft er zin in en belooft om aan het eind van de week te vertellen hoe de lessen zijn verlopen. Hij gaat ook elke ochtend trouw naar de tuin om de namen van de medicinale kruiden te oefenen. Daarna gaan Robin en ik per brommer weer een aantal scholen af. Een van de scholen ziet er prachtig uit. De buitenkant is beschilderd met landkaarten van Kameroen, Afrika en de wereld. Robin gaat met de kinderen zingen en spelletjes doen, terwijl ik met de leerkrachten en een paar van de kinderen praat. De kinderen vinden het allemaal geweldig en verdringen zich om ons heen. Foto’s maken vinden ze ook allemaal het einde.

12 november
Ik ontmoet een nieuwe patiënt, een voormalig drugsverslaafde uit Yaounde. Hij studeert economie aan de universiteit, maar heeft het half jaar voor zijn opname voornamelijk blowend doorgebracht. Verkeerde vrienden, zegt hij. Hij is nu twee maanden clean en er lijkt weinig meer met hem aan de hand. Als zijn moeder terug is van een reis naar Europa komt ze hem halen. Zodra hij terug is, wil hij zijn studie voortzetten.
Later in de middag komt John langs en geef ik hem de brillen. Hij is er erg blij mee. Een koffermet brillen is een schatkist hier. Er zijn veel patiënten, ook kinderen, die een bril nodig hebben. John wil de brillen in overleg met een oogarts uitdelen. De zonnebrillen delen we zelf uit. Of we nu een zonnebril geven aan een patiënt of een medewerker, iedereen loopt er stralend mee rond.

13 november
Vandaag ga ik met John op pad naar Kondu, ongeveer twee uur rijden naar het noorden. Ik dacht dat ik inmiddels wist wat slechte wegen zijn, maar dit slaat alles. We rijden door hele diepe kuilen en over grote bergen stenen. Het is een wonder dat de oude Toyota van John het trekt. In Kondu brengen we een bezoek aan Tina, een zestienjarig meisje dat ik het jaar ervoor in het BIHC hebben leren kennen. Een jaar geleden was ze nog erg depressief en angstig, waardoor ze niet meer naar school ging. Nu zit ze op een internaat en gaat het beter met haar. Net als veel dingen hier is het internaat iets uit een ver verleden voor ons. Er wonen zevenhonderd middelbare scholieren. Tina slaapt op een slaapzaal met zestig andere meisjes. Ze liggen in stapelbedden waar je net tussendoor kunt lopen en bewaren hun persoonlijke eigendommen onder het bed.

14 november
Nadat we ’s morgens weer een paar scholen hebben bezocht, word ik voorgesteld aan een nieuwe patiënt van het BIHC. Sinds een week woont een jonge man met zijn moeder in een huisje verderop. Hij blijkt een hoogleraar in de economie te zijn. Sinds een tijdje heeft hij ernstige agressieve uitbarstingen. Zo heftig dat hij vanuit het politiebureau in Yaounde is overgeplaatst naar het BIHC. Hij zit er rustig bij en vertelt over zijn leven. Aangezien hij aangeeft zich te vervelen, stellen we een dagprogramma samen met veel beweging en af en toe een uurtje werk achter de computer. Gelukkig hebben we hier een internetaansluiting.

16 november
Als ik om half negen bij het gezondheidscentrum aankom, is het daar erg bedrijvig. Patiënten zijn hun kamers aan het schoonmaken en het verpleegkundig personeel is het medische materiaal aan het poetsen. Samen met een medewerkster van het BIHC gaan we op weg naar Njinikom, waar we Nel ontmoeten, een nieuw lid van de Stichting Babungo. Zij geeft ons een rondleiding door het bijzondere ziekenhuis in de plaats, waar drie Nederlandse orthopeden werken. Zij opereren elke twee weken zo’n zeventig kinderen met kromme benen. Wij kunnen ons in Nederland nauwelijks voorstellen hoe krom de beentjes van de kinderen zijn. De afwijking schijnt te maken te hebben met vitamine D gebrek. We delen aan de kinderen potloden, stickers en kleertjes uit. De OK-assistenten zijn blij met de zak met scharen en pincetten die we hebben meegenomen. We raken nu aardig door de voorraden heen. We blijven een nachtje in Njinikom.

17 november
Vandaag mogen we twee operaties bijwonen. De orthopeed lijkt wel een meubelmaker: het is zagen en passen en meten. Het is bijna niet voor te stellen dat hij zulke kromme beentjes weer recht kan zetten, maar we zien met eigen ogen dat het lukt. Daarna hebben Nel en ik overleg over het schoolproject en over het projectvoorstel van dr. Kamga over de kinderpsychiatrie. We bevestigen de steun aan het project. Aan het eind van de ochtend gaan we terug naar Babungo.

19 november
Vanmorgen ontmoet ik weer twee nieuwe patiënten, allebei cannabisgebruikers. Ze hebben beiden tien jaar gebruikt, maar zijn gemotiveerd om te stoppen. Een van hen heeft een mooie motivatie om geen drugs meer te gebruiken. Hij is toegelaten tot een studieprogramma in Zweden, maar mag er pas heeft als hij een jaar clean is. Die kans wil hij niet laten schieten!
’s Middags gaan we met de patiënten wandelen, de berg op. Bijna iedereen gaat mee, echt fantastisch.

21 november
Vanmiddag bekijken we het oude gedeelte van de compound. Daar wonen tien moeders met vele kinderen nog steeds onder armoedige omstandigheden. Ze hebben allemaal twee kamertjes en er is geen water of sanitair. Ze leven van wat ze zelf verdienen met het verbouwen van een beetje maïs of pinda’s. In een oud patiëntenverblijf zit een oudere dame met haar zieke dochter. De dochter wordt behandeld door een halfbroer van John. Op een vuurtje in de hoek van de kamer pruttelt een medicijndrank. In het oude gedeelte wonen familieleden en patiënten die besloten hebben te blijven nadat ze genezen zijn. Ook zij leven van wat ze door de dag heen bij elkaar kunnen scharrelen. Veel van hen doen kleine klusjes voor John. Al met al voedt John direct en indirect een heleboel monden. Vergeleken met dit oude deel van de kliniek is het nieuwe gezondheidscentrum fris, ruim en vooral schoon. Later op de middag nemen we een kijkje in het nieuwe Wiro-huis, dat samen met een soort clubhuis voor de patiënten boven op de heuvel staat. In het Wiro-huis is een ontvangstruimte voor gasten en een winkeltje met spulletjes voor toeristen.

22 november
Vandaag heb ik afspraken met twee groepen met HIV besmette mensen. De eerste is een groep vrouwen, allemaal weduwe met kinderen. Ze komen hier op het centrum leren hoe ze een naaimachine kunnen bedienen, zodat ze op die manier wat geld kunnen verdienen. De vrouwen vragen of het mogelijk is een microkrediet te krijgen voor een eigen naaimachine. Ik neem het verzoek mee. Waarschijnlijk zal wel het mogelijk zijn om een sponsor te vinden.
De andere groep bestaat uit mannen die opkomen voor de belangen van de met HIV besmette mensen uit de omgeving. Zij vertellen dat het een probleem is dat ze niet op een eenvoudige manier aan medicijnen kunnen komen. John zegt dat hij zal proberen een continue stroom van medicijnen te regelen met het ziekenhuis in Njinikom. We hebben daar een kantoortje gezien van de Stichting Hope die medicatie verstrekt aan HIV-patiënten.

23 november
Het is bijna tijd om te vertrekken uit Babungo. We hebben vandaag nog een gesprek met een medewerker van het BIHC over de bibliotheek. Robin en ik hebben aanvullingen voor de bibliotheek meegenomen. Het personeel maakt gebruik van de bibliotheek, maar onder de patiënten is het nog onvoldoende bekend dat de boeken er zijn en ze er gebruik van kunnen maken. Een aantal van hen kan prima lezen en zal er veel plezier van hebben. Vooral de detectives zijn gewild bij het personeel.
Nu de patiënten nog. Dit zal opgepakt worden.

24 november
Vandaag vertrekken we uit Babungo, om onze reis af te sluiten met een paar dagen aan de kust. Medewerkers en patiënten komen ons uitzwaaien en veel van hen zijn echt verdrietig omdat we weggaan. We beloven terug te komen, voordat we aan een lange, warme terugreis beginnen.